De Levensvatbare Mens

Thomas Berry

(uit The Great Work, Hoofdstuk 6)

Het universum, de Aarde en de mens zijn gericht op elkaar. Latere, meer geëvolueerde ontologische expressies zijn afhankelijk van vroegere vormen voor hun levensbehoeften, terwijl de vroegere vormen afhankelijk zijn van de latere om tot volle bloei te komen. Wat betekent dit? De complexe meer geëvolueerde levensvormen zijn afhankelijk van de meer eenvoudig levensvormen voor hun bestaan, terwijl de eenvoudige levensvormen zichtbaar worden en hun bestaansrecht bevestigd krijgen door hun relatie met de complexere levensvormen. Bijvoorbeeld de beer is een complexe levensvorm, complexer dan de vissen, bessen of maden die hij eet, beestjes of vruchtjes waar we anders nooit over zouden horen. Maar juist doordat wij kunnen bestuderen wat de beer nodig heeft, wordt het hele ecosysteem van de beer zichtbaar.

Het zelfde geldt voor de mens. Als wij zeggen dat ons wereldbeeld zal moeten verschuiven van een mensgerichte naar een Aarde-gerichte oriëntatie, dan is dat niet alleen om “de Aarde te redden”. Het is ook omdat wij in symbiose met de Aarde leven en omdat wij onze rol als meest geëvolueerde levensvorm en als meest complexe manifestatie van het diepe mysterie van het universum anders niet kunnen invullen.

De verschijning van de mens was een moment van grote transformatie voor de Aarde en voor de mens zelf. Net als elke andere nieuwe levensvorm moest de mens zijn plek vinden. Een plek waar voedsel en water was en waar we kleren en een dak boven ons hoofd konden maken. Verder hadden we behoefte aan een bepaalde mate van veiligheid, en wat later kwamen daar onze culturele behoeften bij: familie en gemeenschap. Hoewel sommige dieren ook in relationele groepen leven was die behoefte aan complexe gemeenschap bijzonder. De mens heeft meer dan andere levensvormen de mogelijkheid tot nadenken en spreken; en we willen onze bevindingen delen met anderen. Zonder relaties in een gemeenschap kan dat niet. Als we willen spreken dan willen we dat er iemand is om te luisteren. Zingen en dansen hebben alleen betekenis in een groep. Het is op deze wijze dat, door de generaties heen, de menselijke culturen gestalte kregen.

Maar hoe geweldig onze cultuur ook is, de primaire bron voor voeding van ons lichaam en onze geest blijft de natuurlijke wereld. Met de natuurlijke wereld wordt niet alleen de fysieke wereld bedoeld, maar ook de psychisch-fysieke realiteit die gevonden kan worden in allerlei aardse manifestaties.

Hoe bereiken wij een verschuiving in ons wereldbeeld naar een Aarde-gerichte oriëntatie? Allereerst moeten we ons realiseren dat de hele Aardegemeenschap (al het aardse leven) de grotere en meer waardevolle realiteit is ten opzichte van de menselijke gemeenschap. Wij zijn ervan afhankelijk, juist omdat we eruit geëvolueerd zijn. Dus onze primaire aandacht zal gericht moeten zijn op de instandhouding van de hele Aardegemeenschap, ook al was het maar voor het overleven als soort. Dus onze waarden en handelingen moeten in deze grotere context worden vormgegeven. Het is een illusie om te denken dat wij op de lange termijn kunnen evolueren als onze grotere contextuele gemeenschap achteruit gaat. Door de tijden heen is de Aarde zelfverantwoordelijk geweest. Maar nu is de mens verantwoordelijk voor het wel en wee van de Aarde en al het leven, of wij willen of niet. Dat is een enorme verantwoordelijkheid.

De mens is altijd bezig zichzelf te verbeteren. Een primaire reden voor de vernietiging van de processen op Aarde is dat het Westerse industriële, modernistische wereldbeeld hierbij geen terughoudendheid wil of kan accepteren voor wat betreft materiële zaken. Wij hebben een hekel aan beperkingen en zien die als een soort duivels obstakel dat uit de weg geruimd moet worden. Maar beperkingen zijn niet zo erg, want ze helpen ons juist om sterker te worden. Evaluatie van de uitdagingen en acceptatie van de beperkingen die de wereld ons oplegt zullen juist onze creativiteit, of beter gezegd, onze relatie met de creatieve krachten van het universum bevorderen. De beperkingen zijn noodzakelijk, net zo goed als de zwaartekracht noodzakelijk is, dus we zouden er goed aan doen om ze te accepteren, en ze te zien als een bron van energie in plaats van als een hindernis


The Great Work.  hoofdstuk 6, ISBN 0-609-80599-5

Met toestemming van Thomas Berry vertaald door Michiel Doorn en opgenomen in Thomas Berry, Profeet voor de Aarde. Uitgegeven bij Lulu.com in 2009. 5 800038 861780

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.